Wat zijn de belangrijkste afvalstromen op mijn melkveebedrijf, hoe kunnen ze zoveel mogelijk beperkt worden en wat moet je er mee doen?
De belangrijkste afvalstromen op een melkveebedrijf zijn:
- perssappen en run-off van de kuilplaat: Perssappen en de first-flush (het water dat bij een regenbui het eerst van de kuilplaat afstroomt en dus het sterkst vervuild is) van de run-off ter hoogte van de sleufsilo’s moeten opgevangen en conform de mestwetgeving uitgereden worden. Via een by-pass kunnen deze afvalwaterstromen gescheiden worden van de rest van de run-off.
- afvalwater melkwinning: Het reinigingswater van de melkmachine en de koeltank is vooral organisch vervuild en met stikstof en fosfor belast. Melkveebedrijven die aangesloten zijn op een collectieve rioolwaterzuiveringsinstallatie of er in de toekomst zullen op aangesloten worden (afhankelijk van de zone waarin je bedrijf gelegen is), kunnen deze afvalwaterstroom mits toestemming van de bevoegde overheid lozen op de riolering. Indien er geen aansluiting is en er ook geen gepland is, kan je deze afvalwaterstroom opvangen en conform de mestwetgeving uitvoeren of je kan de afvalwaterstroom na zuiveren in oppervlaktewater lozen. Maximaal hergebruik beperkt de hoeveelheid afvalwater en zo ook de opslag- en uitrijkosten.
Om te weten in welke zone je bedrijf gelegen is, neem je best contact op met je gemeente.
Wanneer je in oppervlaktewater loost, moet je dit afvalwater zelf zuiveren. Voor het te lozen water moet je de milieukwaliteitsnorm van de ontvangende waterloop nastreven, maar in de milieuvergunningsaanvraag kan je – zeker wat stikstof en fosfor betreft – ook soepelere lozingsvoorwaarden aanvragen. De aan te vragen lozingsvoorwaarden stel je in samenspraak met de fabrikant van je kleinschalige waterzuivering op. De fabrikant kan vertellen welke lozingsvoorwaarden kunnen gehaald worden met zijn systeem. Het is belangrijk haalbare lozingsvoorwaarden in de vergunning op te nemen. Die gelden als referentie bij eventuele controles. Bij het aanvaarden van de lozingsvoorwaarden, houdt de overheid rekening met de kwetsbaarheid en het debiet van de ontvangende waterloop. - afvalwater dat mest bevat: Deze afvalwaterstromen, zoals het reinigingswater van de stal en de melkstal horen thuis in de mestkelder.
- run-off van verharde oppervlakken en reinigingswater van landbouwmachines dat geen mest bevat: Deze afvalwaterstromen bevatten vooral aardedeeltjes. Na bezinking van die aardedeeltjes kan het afvalwater meestal geloosd worden. Is er risico op verontreiniging door olie, dan is een koolwaterstofafscheider (lozing op de riolering) in combinatie met een coalascentiefilter (lozing in oppervlaktewater) noodzakelijk.
- spoelwater van spuittoestellen: Om de emissie van gewasbeschermingsmiddelen naar het milieu zo klein mogelijk te houden, is het belangrijk de 'Code van goede landbouwpraktijken Gewasbescherming (PDF-formaat 5,5MB opent in ander venster)' te volgen.
- Zo verspreid je spoelresten het best verdund op het veld. Let wel op dat je hierdoor niet overdoseert. Kies bij aankoop voor spuittoestellen uitgerust met een schoonwatertank en spoeltank en neem voldoende water mee. Ook op oude spuittoestellen kan vaak eenvoudig een schoonwatertank worden gemonteerd. Het uitwendig reinigen van het spuittoestel gebeurt ook best op het veld en zeker niet op verharde oppervlakten met afvoer naar de riolering of naar oppervlaktewater.
Momenteel wordt in Vlaanderen onderzoek gedaan naar biozuiveringssystemen waarin spoelresten van spuittoestellen via micro-organismen op het bedrijf verwerkt worden. Meer info hierover vind je in de brochure 'Water. Elke druppel telt. Melkveehouderij (PDF-formaat 1,2MB)' (
toegankelijk tekstformaat)
Zoals elk gezin produceert ook een landbouwersgezin huishoudelijk afvalwater. De gemiddelde hoeveelheid afvalwater bedraagt 110 liter per inwoner per dag.
In de brochure 'Waterwegwijzer voor veehouders (PDF-formaat 1,5MB)' vind je meer informatie over afvalwaterstromen op een melkveebedrijf, over hoe je deze afvalwaterstroom kunt beperken en wat je ermee moet doen.

