Hoe komen gewasbeschermingsmiddelen in het water terecht?
Sommige gewasbeschermingsmiddelen worden gemakkelijker uitgespoeld dan andere. Bij hevige regenval spoelen de middelen uit de bodem mee met het water naar waterlopen en grondwater. Als het regent vlak na de bespuiting kan het middel rechtstreeks afspoelen en krijgen de waterlopen door rechtstreekse afspoeling een plotse concentratiepiek te verwerken.
De middelen vinden ook hun weg naar ondiep grondwater waar ze horizontaal naar het oppervlaktewater of verticaal naar diepere grondwaterlagen worden getransporteerd. Dit laatste is een geleidelijk proces, waarbij de aangetroffen concentraties veel kleiner zijn. Gewasbeschermingsmiddelen met een hoog risico voor uitloging en wateroplosbaarheid die daarenboven slecht afbreekbaar zijn, veroorzaken dus zowel problemen voor oppervlakte- en grondwater.
Gewasbeschermingsmiddelen komen via een aantal belangrijke routes in het oppervlaktewater terecht:
- drift van spuitnevels;
- plaatselijke of accidentele verontreiniging tijdens de bereiding van de spuitoplossing en onderhoud van het spuittoestel. Projecten in het IJzerbekken wezen uit dat tot 75% van de verontreiniging van het oppervlaktewater het gevolg is van puntlozingen door landbouw en bevolking die losstaan van het eigenlijke nuttige gebruik van middelen ter bescherming van de landbouwgewassen;
- afspoeling en verlies via drainage naar het oppervlaktewater;
- rechtstreekse uitspoeling of uitspoeling via bodempartikels naar het oppervlaktewater;
- atmosferische depositie (zowel natte als droge depositie).
Net als in de bodem kunnen de residuen van gewasbeschermingsmiddelen zich opstapelen in het bezonken slib van oppervlaktewateren. In de waterbodem worden vooral de weinig wateroplosbare gewasbeschermingsmiddelen (o.a. chloorpesticiden) gebonden die in bepaalde omstandigheden weer vrijkomen en een naleveringseffect kunnen veroorzaken indien ze persistent zijn. Ook al zijn de meeste van deze middelen op dit ogenblik niet meer toegelaten, toch worden ze nog waargenomen in het oppervlaktewater.
Onderzoek heeft aangetoond dat er uitloging van gewasbeschermingsmiddelen naar het grondwater toe optreedt. De mate waarin die uitloging gebeurt, is onder meer afhankelijk van de diepte waarop die waterlagen liggen en de doorlaatbaarheid van de bovenliggende bodemlagen maar uiteraard ook van de gebruikte middelen en de dosis zelf. Sommige gewasbeschermingsmiddelen zijn bekend om hun groot uitlogingsrisico en breken daarbij ook slechts traag af.

