Wat zijn de voornaamste bronnen van vervuilingen in onze waterlopen?
Zuurstofbindende stoffen zijn een belangrijke oorzaak van de waterverontreiniging in Vlaanderen. Dit zijn organische stoffen (eiwitten, koolhydraten, vetten, ...) waarbij voor de biologische afbraak zuurstof uit het water wordt onttrokken. Hierdoor daalt het zuurstofgehalte in het water. Als er onvoldoende zuurstof in het water zit, is er geen 'hoger' leven mogelijk, dit wil zeggen dat er geen gewervelden (vb. vissen) zullen voorkomen. Ook planten sterven af bij een laag zuurstofgehalte, wat nog meer afval geeft dat moet afgebroken worden. Daarnaast zorgt een laag zuurstofgehalte voor de maskering van andere problemen, zoals eutrofiëring en toxiciteit door zware metalen en microverontreinigingen.
Een tweede belangrijk probleem is de lozing van de nutriënten stikstof en fosfor. Deze stoffen kunnen eutrofiëring veroorzaken. Bovendien zijn dure zuiveringstechnieken nodig om uit door nitraten verontreinigd grond- of oppervlaktewater drinkwater te bereiden.
Dit geldt ook voor zware metalen en organische microverontreinigingen (vb. bestrijdingsmiddelen), waarvan nog steeds aanzienlijke hoeveelheden in ons oppervlaktewater worden aangetroffen.

