Wat zijn de gevolgen van verdroging?
Door een verlaging van het freatische (ondiepe) grondwaterpeil verdwijnen vochtminnende ecosystemen zoals hoogveen, blauwgrasland en moerasbos. In deze gebieden verdwijnen bijzondere planten (vele orchideeënsoorten, pinksterbloem, klokjesgentiaan en de echte koekoeksbloem...) en dieren (kemphaan) en wordt hun plaats ingenomen door algemeen voorkomende soorten.
Verdroging is niet alleen een kwestie van te weinig water. Als ergens een tekort aan grondwater is ontstaan, wordt dat soms op natuurlijke wijze aangevuld met hemelwater. Dat hemelwater is echter een stuk zuurder en kan nutriënten (stikstof en fosfor), bestrijdingsmiddelen en zware metalen meevoeren; zo kan verdroging tot verzuring en vermesting leiden. De rijke schakering aan plantensoorten die een voedselarm milieu nodig hebben, maakt plaats voor een beperkt aantal algemene soorten. Ook diepe watervoerende lagen kunnen van samenstelling veranderen door het overvloedig onttrekken van grondwater.
Een bijzondere vorm van verdroging, is de vermindering van 'kwel' of opstijgend grondwater. Kwelwater bevat vaak ijzer. Dat bindt de meststof fosfaat. Waar de kwel vermindert, kan het ijzer in het kwelwater ook minder fosfaat binden, waardoor er sneller vermesting optreedt.
Door verdroging neemt de stroomsnelheid in de bovenloop van beken af. Organismen die van water met een hoge snelheid houden, verdwijnen. Waters die oorspronkelijk door grondwater werden gevoed, komen door verdroging deels droog te staan.
Overvloedig onttrekken van grondwater in de watervoerende lagen van kuststreek zorgt voor het aantrekken van sterk zouthoudend grondwater (oorspronkelijk afkomstig van zeewater) tot gevolg. Dit noemt men verzilting.
Verdroging is niet enkel van toepassing op de freatische (ondiepe) grondwaterlagen. Ook de diepere gespannen watervoerende lagen worden soms ook gekenmerkt door verdroging. In de gespannen watervoerende lagen staat het water veelal onder druk. M.a.w. wanneer men een peilput in deze lagen boort, stijgt het water in de peilbuis tot boven het dak van deze watervoerende laag. Door overbemaling is in verschillende regio's ofwel de druk sterk verlaagd of in extremis het spanningskarakter verloren gegaan. Door dit laatste effect komen putten leeg te staan en wordt deze watervoerende laag 'belucht' waardoor er oxidatie kan optreden met weerom kwaliteitsdegradatie tot gevolg. Verdroging heeft dus ook tot gevolg dat steeds minder kwalitatief water beschikbaar is voor de mens.

