Hoe komt het dat een waterzuiveringsinstallatie minder goed werkt als er veel hemelwater samen met het afvalwater op aankomt?
Rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI's) werden berekend op een bepaald debiet instromend afvalwater. Bij de bouw werd ervan uitgegaan dat elke afvalwaterlozer gemiddeld 150 liter vuil water per dag zou lozen. Die schatting werd - uit veiligheid, om piekmomenten op te vangen - vermenigvuldigd met 6. Van deze hoeveelheid wordt ten minste 450 liter biologisch gezuiverd, de eventuele rest wordt na een beperkte bezinking overgestort.
De hoeveelheid hemel- en draineerwater is in de winter soms zeer groot. Het is afkomstig van grote landbouwgebieden, bossen, particuliere drainages, wegen, ... Daardoor wordt deze grens van maximum 900 liter soms sterk overschreden. Met als gevolg dat vele RWZI's het lastig krijgen: het is immers veel makkelijker een kleine, geconcentreerde stroom te zuiveren, dan een enorme en slechts licht vervuilde stroom. Bovendien is heel wat meer energie nodig om grote debieten op te pompen en op te vijzelen. De exploitatiekosten liggen dan ook enorm hoog, terwijl het ecologisch resultaat minder goed is dan verwacht.

