Inhoud Woord vooraf 1 1 Waarom water besparen? 2 2 De melkveehouderij in cijfers 3 3 Watergebruik in melkveehouderijen 4 4 Twee Vlaamse melkveehouderijen zetten hun poorten wijd open 5 5 En uw waterscore? 6 6 Wijzigingen die een groot verschil kunnen maken 11 7 Opvang van hemelwater 19 8 Verbetering kwaliteit uitgangswater 24 9 Afvalwaterzuivering 26 Publicaties 32 Nuttige adressen 33 Woord vooraf De afdeling Water van VMM geeft invulling aan het integraal waterbeheer. Een van de belangrijke elementen daarin is het aanmoedigen van duurzaam watergebruik om op lange termijn de drinkwatervoorziening veilig te stellen. Onder de slogan “Water. Elke druppel telt.” sensibiliseert de Vlaamse overheid de bevolking, de industrie en de landen tuinbouw. De afgelopen jaren slaagden we erin verschillende doelgroepen te helpen in hun zoektocht naar een manier om spaarzaam en bewust met water om te gaan. Vandaag staan we er ook voor u. We kregen de kans om op twee Vlaamse melkveebedrijven de watercyclus van nabij te volgen. We gingen met de bedrijfsleiders op zoek naar de hoeveelheid water die ze gebruiken, uit welke bronnen dat water komt, hoe ze water besparen en of hen dat ook financieel iets oplevert. Wat we hieruit geleerd hebben, vatten we voor u samen in deze brochure. Met deze brochure willen we u er ook toe aanzetten even stil te staan bij het water dat elke dag door uw bedrijf stroomt. U zult snel merken dat heel wat van onze bevindingen uw enthousiasme zullen prikkelen. Deze brochure kadert in de informatie- en sensibiliseringscampagne “Water. Elke druppel telt.” 1 Waarom water besparen? Watervoorziening Vlaanderen is dichtbevolkt en telt een grote verscheidenheid aan activiteiten op een kleine oppervlakte. Door onze levensstandaard doen we bovendien heel veel een beroep op onze natuurlijke rijkdommen. We staan er niet meer bij stil, maar ons water komt niet uit de kraan. Het komt in de eerste plaats uit de natuur: uit sommige waterlopen, en vooral uit onze bodem. En die zijn we de laatste tijd flink aan het uitputten. Zo gebruiken we alles samen in Vlaanderen zo’n 745 miljard liter water per jaar. Zelfs ons natte weer kan dat niet meer bijhouden. Onze natuurlijke waterreserves slinken zorgwekkend. In vergelijking met de rest van Europa legt Vlaanderen het meeste druk op haar waterreserves. De uitdroging van de diepe grondwaterlagen is dan ook een acuut milieuprobleem bij ons. Zo is de toestand van het sokkel- en landeniaanwater in Oost- en West-Vlaanderen op zijn minst alarmerend te noemen. De lokale daling van grondwaterpeilen vereist op korte termijn een drastische vermindering van de opgepompte hoeveelheden grondwater. Om dit te realiseren, moeten we spaarzamer omgaan met onze waterreserves. En dat is een zaak voor ons allen, huishoudens, industrie én landbouw. Het vermijden van waterverspilling binnen uw bedrijf is een grote stap in de goede richting. Kostprijs Hoewel water maar een klein onderdeel is van de totale productiekosten, wordt het voor steeds meer landbouwbedrijven een dure aangelegenheid. Als we rekening houden met de prijs voor het oppompen van grondwater, de heffingen op de winning van grondwater en op de waterverontreiniging, de kosten voor het opslaan en uitrijden van mest, dan betekent een verspilling van 1 m³ water gemiddeld een verlies van ongeveer 8 euro voor de melkveehouder. Als leidingwater gebruikt wordt, is dit bedrag nog hoger. Wetgeving De gekende druk op de grondwaterreserves in Vlaanderen noodzaakt de overheid om in te grijpen. Via de heffingen en vergunningsvoorwaarden voor grondwaterwinning zet de overheid de bedrijven aan om waterbesparende maatregelen te nemen en alternatieve waterbronnen in te schakelen. Daarnaast moeten land- en tuinbouwbedrijven die niet kunnen aansluiten op het rioleringsnet, hun afvalwater zelf zuiveren. 2 De melkveehouderij in cijfers Binnen de veeteelt in Vlaanderen neemt de melkveehouderij een zeer belangrijke plaats in. Van de ongeveer 20.000 Vlaamse veeteeltbedrijven hielden er het voorbije jaar 9.039 bedrijven melkvee. Dat zijn zowel gemengde bedrijven als gespecialiseerde melkveehouderijen. Samen telden deze bedrijven ongeveer 320.000 melkkoeien. De laatste jaren is het aantal melkkoeien en melkveebedrijven afgenomen. Daartegenover zien we een schaalvergroting en een doorgedreven specialisatie. De gemiddelde melklevering per melkveebedrijf steeg in 2003 voor Vlaanderen met 4,14 % tot 208.933 liter. De grotere en meer gespecialiseerde melkveebedrijven zijn vooral in de Kempen en in de polders gesitueerd. In de rest van Vlaanderen wordt de melkveetak vaak gecombineerd met een andere landbouwactiviteit. De laatste jaren merken we ook een toename van thuisverwerking, wat het bedrijfsinkomen verhoogt. De eindproductiewaarde van de melkveehouderij bedroeg in 2004 ongeveer 549 miljoen euro op een totaal van 4.468 miljoen euro voor de hele landbouwsector (bron: Centrum voor Landbouweconomie (CLE)). In 2002 zorgde de melkveehouderij voor zo’n 9.514 voltijdse arbeidskrachten (bron: Nationaal Instituut voor de Statistiek (NIS)). Tabel 1: Aantal melkkoeien (zonder reforme) in België en Vlaanderen (Bron: NIS) 2001 2002 2003 2004 Melkkoeien in België 596.221 576.709 559.423 568.571 Melkkoeien in Vlaanderen 329.728 319.074 311.939 319.743 Tabel 2: Melkproductie van het gemiddelde melkveebedrijf in Vlaanderen (Bron: BCZ (Belgische Confederatie van de Zuivelindustrie)) 2001 / 2002 2002 / 2003 2003 / 2004 Aantal melkveebedrijven 9.827 9.413 9.039 Gemiddelde melkproductie (in l) 192.021 200.657 208.933 3 Watergebruik in melkveehouderijen De melkveesector gebruikt bijna 12 miljoen m³ water per jaar. Ongeveer 8,5 miljoen m³ dient als drinkwater voor het vee, 3,5 miljoen m³ wordt gebruikt voor het reinigen van de melkinstallatie en koeltank en 0,2 miljoen m³ voor het reinigen van stallen en landbouwmachines. Schema watergebruik in een melkveehouderij 2% 29% 69% Voor al deze toepassingen wordt vooral gegrepen naar leidingwater en grondwater, en in mindere mate naar hemelwater. Oppervlaktewater en gezuiverd afvalwater vinden amper hun weg naar het bedrijf. Het reinigen van de melkinstallatie en de koeltank gebeurt vooral met grondwater of leidingwater. Voor drinkwater van het vee en zeker als reinigingswater van de stallen wordt ook hemelwater gebruikt. 4 Twee Vlaamse melkveehouderijen zetten hun poorten wijd open Om het watergebruik en de waterbesparingsmogelijkheden op melkveebedrijven na te gaan, gingen we op zoek naar een aantal bedrijven. Twee Vlaamse melkveebedrijven waren bereid mee te werken aan ons grote waterspaarproject. Door hun medewerking slaagden we erin om een waarheidsgetrouw beeld te krijgen van het reilen en zeilen van melkveebedrijven. De onderzochte bedrijven zijn van gelijkaardige grootte. Uiteraard verschillen de bedrijven onderling qua organisatie. Dat vertaalt zich ook in de waterbehoefte. Bedrijf 1 is een melkveebedrijf met 50 melkkoeien en een visgraatmelkstand. Het watergebruik dat we gedurende één jaar volgden, bedroeg 1.840 m³. Naast grondwater werd ook hemelwater gebruikt als drinkwater voor de dieren en als reinigingswater voor de stallen en machines. Bedrijf 2 is een melkveebedrijf met 37 melkkoeien en een visgraatmelkstand. Het watergebruik dat we eveneens gedurende één jaar volgden, bedroeg 1.317 m³. Ook dit bedrijf gebruikte naast leidingwater hemelwater als drinkwater voor de dieren en om de stallen en machines te reinigen. Op beide bedrijven werd nagegaan of het gebruikte hemelwater aan de drinkwatereisen voor het vee voldoet. Dat het opmeten van de diverse waterstromen doet nadenken over het watergebruik op het bedrijf is duidelijk. De melkveehouder van bedrijf 2 gebruikte één van de watertellers zelfs om na te gaan hoe groot het watergebruik was van de wasmachine voor het wassen van de uierdoeken. En de melkveehouder van bedrijf 1 ging op het einde van het project over tot de installatie van nieuwe drinkbakken om morsen van drinkwater te beperken. Maar ook voor ons was de vindingrijkheid van de melkveehouders rond mogelijke waterbesparingen zonder in te boeten op de melkkwaliteit en arbeidsomstandigheden zeer verrijkend. 5 En uw waterscore? En u? Denkt u op de goede weg te zitten wat uw watergebruik betreft, of denkt u - integendeel - dat u nog heel wat verspilling kunt tegengaan? Zelf aan de slag, stap voor stap Om een goed beeld te krijgen van de hoeveelheid water die het bedrijf binnenstroomt, voor welke toepassingen dat water dient, of dat water aan de kwaliteitseisen voor de toepassing voldoet, wat er met het water gebeurt na gebruik en of het ook met minder zou kunnen, werkten we onderstaand stappenplan uit dat uitgetest werd op de twee onderzochte bedrijven. U bepaalt zelf hoe ver u gaat in uw eigen waterstudie. U kunt lukraak een aantal wijzigingen invoeren die ongetwijfeld een effect zullen boeken, of u gaat voor de grondige aanpak. Of u kiest voor een aanpak tussen beide. Eén ding staat vast: hoe beter u de weg van het water kent in uw bedrijf, hoe bewuster u ermee kunt omgaan. Voor een grondige aanpak gaat u zo te werk: 1 Spoor de verschillende waterstromen op. De belangrijkste waterstromen op een melkveebedrijf zijn drinkwater voor de dieren en reinigingswater voor de melkinstallatie, stallen en machines. Welke waterstromen zijn er op uw bedrijf? 2 Meet het watergebruik voor de verschillende waterstromen van uw bedrijf. Door op een aantal plaatsen een waterteller op de waterleiding te installeren, kunt u het exacte watergebruik aflezen. Maar op een melkveebedrijf is dat niet altijd mogelijk. De waterverdeelsystemen zijn dikwijls vaste verbindingen waar u niet zomaar tellers tussen kunt plaatsen. In dat geval kunt u het gebruik per waterstroom op een andere manier bepalen. Voor reinigingswater van de melkstand, stallen en machines gaat dat zo: vang gedurende één minuut het reinigingswater op of misschien kent u het debiet van uw hogedrukreiniger. Deze hoeveelheid vermenigvuldigt u met de tijd die u nodig hebt om te reinigen en met het aantal reinigingsbeurten per jaar. Het reinigingswater van de melkinstallatie en koeltank kunt u een aantal keer opvangen in een kuip en de inhoud meten. Van die metingen neemt u een gemiddelde. Dat cijfer vermenigvuldigt u met 730 (aantal reinigingen per jaar) voor de melkinstallatie en met 130 voor de koeltank. Zo krijgt u het gebruik op jaarbasis. Om nu de hoeveelheid drinkwater te schatten, trekt u de hoeveelheid reinigingswater af van het volledige watergebruik (geregistreerd door de watermeters bij de grondwaterwinning, de hemelwateropslag of het leidingwaternet). 3 Vergelijk uw gemeten watergebruik met de vooropgestelde richtwaarden. Daartoe berekent u aan de hand van eenheidswaarden uit tabel 3 en 4 de situatie voor uw bedrijf. Op pagina 9 vindt u zo’n berekeningsblad. Is het verschil tussen het gemeten en berekende volume groot, dan doet u er goed aan de oorzaak op te sporen. Ga in de eerste plaats na of er eventueel lekken zijn. De hoeveelheid water voor het reinigen van de melkinstallatie is afhankelijk van het type installatie en het aantal melkstellen. Als met een pijpleiding gemolken wordt, bedraagt het reinigingswater ongeveer 78 m³ per jaar. Als in een melkput gemolken wordt, kan met de richtwaarden uit tabel 4 rekening gehouden worden. Tabel 3 : Richtwaarden drinkwater voor vee Toepassing standaard gebruikswaarden (in m³/dier/jaar) Drinkwater voor melkkoeien 22 Drinkwater voor jongvee (1 jaar – 2 jaar) 8,7 Drinkwater voor jongvee (tot 1 jaar) 5,4 De hoeveelheid water voor het reinigen van de koeltank is afhankelijk van de tankinhoud. Voor het reinigingswater van de melkstand, melkstellen en uiers zijn geen richtwaarden beschikbaar. Die gegevens zijn zeer bedrijfsspecifiek. De gegevens worden bijvoorbeeld beïnvloed door het al dan niet nat reinigen van de uiers. Sommige melkveebedrijven koelen de melk eerst af met een voorkoeler voor ze naar de koeltank gaat. Dat maakt het mogelijk om energie te besparen, maar levert een extra watergebruik van ongeveer twee liter water per liter melk. Tabel 4 : Richtwaarden voor reinigingswater Reinigen van de melkinstallatie Aantal melkstellen Watergebruik (in m³ / jaar) Standaardinstallatie 3 melkstellen 78 8 melkstellen 132 12 melkstellen 174 16 melkstellen 219 Ruim gedimensioneerde installatie (inwendige diameter melkleiding > 50 mm) 8 melkstellen 189 12 melkstellen 249 16 melkstellen 312 Ruim gedimensioneerde installatie + melkmeters 8 melkstellen 258 12 melkstellen 354 16 melkstellen 451 Reinigen van de koeltank Tankinhoud (in l) Watergebruik / Watergebruik (in m³ / jaar) reinigingsbeurt (in l) a ratio van 5 ophaalbeurten / 14 dagen 1.800 – 2.400 150 20 2.800 – 4.500 175 23 5.000 – 8.000 200 26 9.000 – 12.000 212 28 14.000 – 16.000 280 37 18.000 – 24.000 310 40 Andere reinigingstoepassingen Watergebruik (in m³ / jaar) Reinigen van stal en kalverhokjes 10 Reinigen van machines 15 Tabel 5 : Waterscore deelnemende bedrijven in m³ Bedrijf 1 Bedrijf 2 Gemeten (in m³/jaar) 1840 1317 Berekend (in m³/jaar) 2549 1402 Bij de berekende waarden werd het reinigingswater voor melkstand, uiers en melkstellen niet meegerekend, noch de watergebruiken voor het terugspoelen van de ontkalkings- en ontijzeringsinstallatie. Dan nog blijft de gemeten waarde onder de berekende. Dat is het gevolg van de besparingsmaatregelen die beide bedrijven toepassen. Drinkwater Diersoort Standaard Aantal dieren Totaal gebruikswaarde op het drinkwaterper dier bedrijf gebruik (in m³/jaar) (in m³/jaar) voor melkkoeien (lacterende en niet- m³ / melkkoe / jaar 22 x x lacterende) voor jongvee (1 - 2 jaar) m³ / jongvee / jaar 8,7 x x voor jongvee (tot 1 jaar) m³ / jongvee / jaar 5,4 x x Totaal drinkwatergebruik m³ / jaar - x Reinigingswater Verbruik Standaard Aantal Totaal in verbruikswaarde reinigings- reinigingswaterbeurten op het gebruik bedrijf per jaar (in m³/jaar) Schoonspuiten stal en kalverhokjes m³ / jaar 10 - 10 Schoonspuiten machines m³ / jaar 15 - 15 Schoonspuiten melkstand* l/reinigingsbeurt x 730 x Reinigingswater melkstellen en uiers* l/reinigingsbeurt x 730 x Reinigingswater melkinstallatie (zie tabel 4) l/reinigingsbeurt x 730 x Reinigingswater koeltank (zie tabel 4 ) l/reinigingsbeurt x 130 x Water voor de platenkoeler 2 liter/liter melk x Totaal reinigingswater m³ / jaar - - x TOTAAL WATERGEBRUIK m³ / jaar - - x * Deze hoeveelheid is zeer bedrijfsspecifiek en kan moeilijk in richtwaarden uitgedrukt worden. Berekeningsblad: watergebruik op een melkveebedrijf 4 Bekijk de mogelijkheden om water te besparen en alternatieve waterbronnen te gebruiken op uw bedrijf. Ga na welke besparingstechnieken op uw bedrijf mogelijk zijn en hoeveel water u daarmee kunt besparen. Tips om water te besparen vindt u onder volgend hoofdstuk ‘Wijzigingen die een groot verschil kunnen maken’. Misschien is het plaatsen van een driewegklep op het spoelautomaat van de melkinstallatie voor u interessant. Zo kunt u het water van de hoofd- en naspoeling gebruiken voor het reinigen van de melkstand. Bent u van plan op korte termijn de melkmachine te vernieuwen? Dan kan een waterbesparende melkmachine een optie zijn. Wie een voorkoeler gebruikt, kan overwegen om het water te hergebruiken. Het koelwater is immers niet vervuild en kan perfect als drinkwater of reinigingswater voor de stallen dienen. Ook het gebruik van andere waterbronnen om grondwater en leidingwater (gedeeltelijk) te vervangen, moet hier bekeken worden. Een goed inzicht in de kwaliteit van de waterbronnen en de kwaliteitseisen van de verschillende toepassingen is onmisbaar. Hemelwater leent zich tot heel wat toepassingen. Met oppervlaktewater moet voorzichtiger omgesprongen worden. Na zuivering kan ook afvalwater hergebruikt worden (bijvoorbeeld voor het schoonmaken van de stallen). Waar zou u alternatief water kunnen gebruiken? 5 Bereken de economische haalbaarheid. Voor u tot actie overgaat, is het belangrijk de economische haalbaarheid te onderzoeken. Dit doet u door de terugverdientijd van de investering te bepalen. Verzamel gedetailleerde informatie over de nodige investeringen. Plaats de investeringskosten tegenover de totale financiële besparing en ga na welke maatregelen u op aanvaardbare termijn kunt terugverdienen. Waterbesparing kan met een minimum aan kosten gerealiseerd worden. Het repareren van lekken is daar een mooi voorbeeld van. Soms zijn echter duurdere investeringen nodig, zoals hergebruik van de spoelwaters bij het reinigen van de melkinstallatie. 6 Vermijd oppervlaktewatervervuiling. Ook de afvalstromen moeten bekeken worden. Welke afvalwaterstromen komen op uw bedrijf voor en waar moet u ermee naartoe? Hiervoor is het allereerst belangrijk te weten wat de regelgeving voorschrijft. Dat vindt u in het deel over afvalwater en afvalwaterzuivering onder hoofdstuk 9. Als u zelf moet zuiveren, moet u op zoek gaan naar de geschikte zuiveringsinstallatie voor uw bedrijf. 6 Wijzigingen die een groot verschil kunnen maken stap voor stap op zoek gaan naar de interessante ingrepen om uw bedrijf men tot een watervriendelijk eebedrijf. Maar misschien is dat moeilijk haalbaar. In dat geval kunt inspiratie halen bij de onderzochte De wijzigingen die ze hebben voerd, maakten bij hen een groot Door minder water te gebruiken bespaart u niet alleen op de kostprijs van het water, maar ook op de opslag-en uitrijkosten van het afvalwater. Dit komt gemiddeld op een bedrag van ongeveer 8 euro/m³. Minder drinkwater vermorsen • Gebruik drinkbakken met een antimorsring. • Plaats de drinkbakken een 10-tal cm hoger dan standaard om vervuiling tegen te gaan. Minder reinigingswater gebruiken Om het reinigingswater tot een minimum te beperken zonder in te boeten op werkcomfort en netheid kunt u een aantal algemene besparingstips toepassen: • Gebruik goed reinigbaar materiaal voor koeltank na het ledigen, hoe beperkter het bekleden van de melkstand. de waterbehoefte voor het reinigen. • Veeg de melkstand schoon met een trekker of een borstel voor u met water begint te reinigen. • Maak de melkstand meteen na het melken schoon Het koelwater van de voorkoeler hergebruiken Het water van de voorkoeler kunt u als drinkwater voor de dieren of als reinigingswater gebruiken. Dit water is licht opgewarmd en heeft - zeker in de winter – een positief effect op de wateropname van de melkkoeien. U kunt dit voorverwarmde water ook naar de boiler sturen, waar er dan minder energie nodig is om het water op te warmen. Een voorkoeler bespaart veel energie, maar vraagt veel water. Hergebruik van het water van de voorkoeler leverde bedrijf 1 een waterbesparing van 760 m³ per jaar op. Restwaterstromen hergebruiken Op een standaard spoelautomaat van de melkinstallatie is in de meeste gevallen gemakkelijk een driewegklep te installeren. Zo’n klep laat toe om het voorspoelwater, hoofd- en naspoelwater apart op te vangen. Het voorspoelwater kan manueel vervoederd worden aan op stal staand vee (melkvee, jongvee of varkens). Het hoofd- en naspoelwater kan onder lage druk gebruikt worden voor het schoonmaken van de melkstand. Ook spoelwater van de koeltank kan op dezelfde manier hergebruikt worden. Als u een nieuwe spoelautomaat moet aanschaffen, overweeg dan ook het doorschuifreinigingssysteem of voorraadreinigingssysteem. Toestellen met doorschuifreiniging gebruiken enkel vers water voor de naspoeling. Dat water wordt doorschuifreiniging gebruiken enkel vers water voor de naspoeling. Dat water wordt bij de volgende melkbeurt opgewarmd en als hoofdspoeling gebruikt. Daarna gaat dit water naar een geïsoleerd vat, dat een temperatuur van 35 à 40 °C aanhoudt. Bij de volgende melkbeurt wordt dat water in de voorspoeling ingezet. Bij de voorraadreiniging wordt voor de hoofdspoeling gedurende een ganse week hetzelfde water gebruikt. Voor de voor- en naspoeling wordt wel vers water ingezet. Deze alternatieve spoelautomaten zorgen voor een waterbesparing van respectievelijk 66 % en 40 %. Een combinatie van beide principes is ook mogelijk. Bij het systeem van voorraadreiniging, kan nog bijkomend water bespaard worden door het naspoelwater te gebruiken voor het reinigen van de melkstand. Kosten-batenanalyse van het hergebruikprincipe Aan de hand van berekeningstabel 6,kunt u nagaan of het hergebruiken van hetspoelwater van de melkinstallatie economisch rendabel is voor uw bedrijf. U moet volgende gegevens berekenen: 1. het jaarlijkse watergebruik (in m³) voor het schoonspuiten van de melkstand. 2. het jaarlijkse geproduceerde hoofd- en naspoelwater (in m³) voor het reinigen van de melkinstallatie. 3. het jaarlijkse watergebruik van het totale spoelwater voor het reinigen van de melkinstallatie (in m³). Zoals reeds in het stappenplan uiteengezet werd, kunt u het reinigingswater van de melkstand berekenen door gedurende één minuut het reinigingswater op te vangen. Deze hoeveelheid vermenigvuldigt u met de tijd die u nodig hebt om de melkstand te reinigen en met het aantal reinigingsbeurten per jaar (730). Om de hoeveelheid reinigingswater van de melkinstallatie per spoelbeurt te weten, meet u een aantal keer het water van de verschillende spoelgangen dat u in een kuip hebt opgevangen. Van die metingen neemt u een gemiddelde. Dat cijfer vermenigvuldigt u met het aantal reinigingsbeurten per jaar (730). Zo krijgt u per reinigingsbeurt het gebruik op jaarbasis. U kunt ook werken met de richtwaarden uit tabel 4. Om het jaarlijks watergebruik per spoelgang te kennen, deelt u die richtwaarden door het aantal spoelgangen per reiniging (3). Tabel 6: Kosten – batenanalyse van het hergebruikprincipe Hoe berekenen? Waterbesparing per jaar(in m³) • Bij toepassing van hergebruik voor het reinigen van de x m³ / jaar melkstand : kleinste waarde van ‘1’ en ‘2’ • Bij toepassing van voorraadreiniging : 40 % van ‘3’ x m³ / jaar • Bij toepassing van doorschuifreiniging : 66 % van ‘3’ x m³ / jaar Besparing op kosten Aanschafkostprijs van het • Bij besparing op water leidingwater: ‘bespaarde m³’ x 1,33 euro / m³ (of zie factuur leidingwater) x euro • Bij besparing op hemelwater: ‘bespaarde m³ x 0,14 euro / m³ x euro • Bij besparing op grondwater: ‘bespaarde m³’ x 0,14 euro / m³ x euro Uitrijkosten • ‘bespaarde m³’ x 2,75 euro / m³ (of vraag kostprijs bij loonwerker) x euro Opslagkosten (a) • ‘bespaarde m³’ * 4,96 euro / m³ / 2 x euro Heffing op de winning van grondwater (b,c) • ‘bespaarde m³’ * 0,05 * 1,0853 (d) euro / m³ x euro Heffing op de waterverontreiniging • Bij lozing op ‘bespaarde m³’ * 0,0025 * 28,61 (d) x euro oppervlaktewater euro / m³ voor 2006 • Bij lozing op riolering ‘bespaarde m³’ * 0,0025 * 29 (d) euro / m³ voor 2006 x euro Totale besparing op kosten Som van bovenstaande bedragen x euro/jaar Investeringskosten Aankoopprijs – eventuele VLIF- hergebruiksysteem subsidies (eventueel –20% VLIFsteun)( e) x euro Terugverdientijd (jaar) Investeringskosten / Totale besparing x jaar op kosten a. Alleen als er een tekort is aan opslagcapaciteit, wordt die kostenfactor mee in rekening gebracht. b. Alleen als op grondwater bespaard wordt, wordt die factor mee in rekening genomen. c. Deze berekening geldt voor een watergebruik van 500 m³ tot en met 30.000 m³. De meeste veeteeltbedrijven gebruiken een hoeveelheid water tussen die twee waarden. d. De getallen zijn afhankelijk van de jaarlijkse indexering en ze worden jaarlijks aangepast. Voor het heffingsjaar 2006 is de index 1,0853. Voor de berekening van de heffing op de waterverontreiniging is het geïndexeerde eenheidstarief voor het heffingsjaar 2006 afhankelijk van het ontvangende water: 28,61 voor lozing op oppervlaktewater en 29 voor lozing op riolering. Komt de berekening van de heffing niet overeen met het bedrag op uw factuur, controleer dan eerst of de index klopt en de periode waarvan u de berekening uitvoert dezelfde is als op uw factuur. e. Als u in aanmerking komt voor VLIF-subsidie, kunt u 20 % van uw aankoopkosten (zonder BTW) terugvorderen. Hergebruik van hoofd-en naspoelwater om de melkstand te reinigen door middel van een driewegklep levert op beide bedrijven een waterbesparing op van ongeveer 110 m³ / jaar. De driewegklep was na 2-3 jaar terugverdiend, zodat de maatregel ook een financiële besparing opleverde. Hemelwater, oppervlaktewater en restwaterstromen als alternatieve waterbronnen Landbouwbedrijven maken vaak gebruik van grondwater. Grondwater kan het best gewonnen worden uit de minder kwetsbare freatische waterlagen. Dit zijn grondwaterlagen die rechtstreeks gevoed worden met insijpelend hemelwater en zich meestal ondiep bevinden. Ondiep grondwater kan plaatselijk wel een te hoog ijzergehalte hebben, waardoor ontijzering noodzakelijk kan zijn. Om de kwaliteit van het grondwater goed te kunnen volgen, is een jaarlijkse tot driejaarlijkse analyse aangeraden. Op de meeste melkveebedrijven is ook hemelwater en in een aantal gevallen oppervlaktewater, beschikbaar. Wordt op het bedrijf ook huishoudelijk afvalwater of bedrijfsafvalwater gezuiverd, dan vormt het effluent van de waterzuivering een extra waterstroom op het bedrijf. Waarvoor deze waterbronnen gebruikt kunnen worden, hangt af van de kwaliteitseisen van de toepassingen. Voor het reinigen van de melkinstallatie en de koeltank legt het IKM (Integrale Kwaliteitszorg Melk) water van een kwaliteit voor menselijke consumptie op. Bijgevolg komen enkel leidingwater en hoog kwalitatief grondwater (na analyse) hiervoor in aanmerking. Tabel 7: IKM-normen reinigingswater voor de melkwinningsapparatuur Parameter Waarden opgelegd door IKM Nitriet (mg / l) < 0,5 Nitraat (mg / l) < 50 Totaal kiemgetal (aantal / ml) < 100 Totale coliformen (aantal / ml) < 10 / 100 ml Totale E. coli’s (aantal / ml) < 1 / 100 ml Wordt er geen leidingwater gebruikt voor het reinigingswater van de melkwinningsapparatuur, dan eist IKM dat het gebruikte water tweejaarlijks geanalyseerd wordt en minimaal aan de eisen van tabel 7 voldoet. Hemelwater als drinkwater voor de dieren helpt heel wat grondwater besparen. Uiteraard komt alleen hemelwater van geschikte kwaliteit in aanmerking. Let op een goede aanleg van de hemelwaterinstallatie om hemelwater zo zuiver mogelijk te houden. Meer informatie hierover vindt u onder hoofdstuk 7. Bij gebruik van ander water dan leidingwater legt IKM een tweejaarlijkse analyse op om de waterkwaliteit te bepalen. Het drinkwater van de koeien in de stal moet dan minimaal aan de kwaliteitseisen uit tabel 8 voldoen. Een volledig overzicht van de kwaliteitseisen waaraan drinkwater voor runderen het best voldoet, is weergegeven in tabel 9 en werd opgesteld door de Dierengezondheidszorg Vlaanderen (DGZ). Indien hemelwater gebruikt wordt, is een tweejaarlijkse analyse een strikt minimum, alsook controle bij iedere wijziging in het afvoersysteem. Om bacteriologische verontreinigingen in het hemelwater uit te schakelen, wordt het water best ontsmet. Dit kan door een juiste dosis chloor of waterstofperoxide aan het water toe te voegen of via UV-ontsmetting. Ga voor meer uitleg naar hoofdstuk 8. Met behulp van tabel 11 onder hoofdstuk 7 kunt u de kostprijs voor uw specifieke bedrijfssituatie berekenen. Met oppervlaktewater als drinkwater voor het vee moet heel voorzichtig omgesprongen worden. De kwaliteit is te veel aan schommelingen onderhevig en zonder grondige voorzuivering zijn de risico’s te groot. Actieve koolfiltratie in combinatie met bacteriologische zuivering is noodzakelijk. Een groot opvangbekken, dat kan worden afgesloten van de waterloop, is ook aangeraden, net zoals een jaarlijkse wateranalyse. Parameter Waarden opgelegd vanuit IKM Nitriet (mg / l) < 1 Nitraat (mg / l) < 200 Totaal kiemgetal (aantal / ml) < 100.000 Totale coliformen (aantal / ml) < 100 Tabel 8: IKM-normen drinkwater voor melkkoeien Parameter Kwaliteitseisen Zuurtegraad (pH) 4 - 9 Geleidbaarheid (µS/cm) 2100 Totale hardheid (°D)* < 20 Sulfaat (mg/l) = 250 Chloride (mg/l) = 2000 Keukenzout (mg/l) = 3000 Ammoniak (mg/l) = 10 Nitriet (mg/l) = 1.0 Nitraat (mg/l) = 200 IJzer (mg/l)* = 2.5 Magnesium (mg/l) = 50 Calcium (mg/l) = 270 Fluoride (mg/l) = 8.0 Mangaan (mg/l) = 2.0 Fosfaat (mg/l) = 2.0 Fysisch aspect Helder; kleur - en geurloos Tot. kiemgetal 22°C < 100 000 / ml Tot. kiemgetal 37°C < 100 000 / ml Coliformen < 100 / ml E. coli < 100 / ml Fecale streptococcen 0 / 100ml Sulfiet red. Clostridia 0 / 20ml Clostridium perfringens 0 kve / 100 ml Tabel 9 : Kwaliteitseisen drinkwater herkauwers (Bron: Dierengezondheidszorg Vlaanderen (DGZ)). * Water met lage hardheid tast de leidingen aan. Hoge ijzergehalten kunnen voor verstopping van drinkbakjes zorgen en leidingen aantasten. Vanuit milieu-oogpunt is het niet aanvaardbaar om hoog kwalitatieve waterbronnen zoals leidingwater en grondwater te gebruiken voor de reiniging van de stal en de landbouwmachines en als basisvloeistof voor gewasbeschermingsmiddelen. Voor al deze toepassingen zijn ook geen normen opgelegd. Hemelwater, proper oppervlaktewater en zelfs effluent van de eigen waterzuivering zijn goede alternatieven. Enkel voor het reinigingswater van de kalverhokjes wordt het best water met minstens de kwaliteit van hemelwater gebruikt. In tabel 10 staan alle alternatieven op een rijtje. Deze tabel kwam tot stand door rekening te houden met zowel milieuaspecten als kwaliteitsparameters. Tabel 10: Keuze waterkwaliteit afhankelijk van de toepassing Toepassing leiding- grond- oppervlakte hemel- effluent water water water water waterzuivering Reinigen van de melkwinningsapparatuur +++ -/+ - - Drinkwater voor het vee +++ ++ -/+ + Schoonspuiten van machines, stallen, enz. -* -* + +++ + Basisvloeistof voor gewasbeschermingsmiddelen -* -* + +++ + +++ Uitstekend te gebruiken -/+ Onder strenge voorwaarden te gebruiken ++ Te gebruiken met geringe risico’s - Niet gebruiken + Onder voorwaarden te gebruiken * : Vanuit milieu-oogpunt is het gebruik van grond- of leidingwater als reinigingswater voor stallen en machines niet aanvaardbaar. Daarvoor zijn voldoende laagkwalitatieve waterbronnen beschikbaar. 7 Opvang van hemelwater Dimensionering van het hemelwaterreservoir De grootte van de hemelwateropslag wordt enerzijds bepaald door het dagelijkse wa-tergebruik en anderzijds door de hoeveelheid beschikbare dakoppervlakte. Als hemelwater zowel voor drinkwater als voor reinigingswater gebruikt wordt, is op de meeste melkveebedrijven de hoeveelheid beschikbaar hemelwater onvoldoende. Aanleg hemelwaterIn dat geval wordt de grootte van de installatie hemelwateropslag hoofdzakelijk bepaald door de beschikbare dakoppervlakte. Be-Om hemelwater van goede kwaliteit te rekeningen tonen aan dat bij een bestaand hebben, is de juiste aanleg van de hemelgebouw per 1.000 m² dakoppervlak een waterinstallatie erg belangrijk. Zo moet in ondergrondse hemelwateropslag van 50 à de eerste plaats vermeden worden dat vuil 60 m³ economisch optimaal is. Naast he-in de hemelwateropslag terecht kan melwater blijft een aanvullende waterbron komen. Het plaatsen van een goede noodzakelijk. voorfilter is sterk aangewezen, alsook het proper houden van de dakgoten. Hemelwater dat als drinkwater gebruikt wordt, kan het best in een ondergrondse citern opgevangen worden. Bij nieuwbouw is dat relatief eenvoudig aangezien die naast de mestkelder aangelegd kan worden. Bij een bestaande stal is zo’n groot ondergronds hemelwaterreservoir echter een kostelijke zaak. Een goedkoper alternatief is dan een foliebassin of een metalen watersilo. Een foliebassin is het goedkoopst, maar neemt voor dezelfde inhoud een grotere oppervlakte in beslag. Ook is de kwaliteit van het water in watersilo’s beter te beheersen: ze kunnen afgedekt worden en op die manier wordt algengroei vermeden. Om te vermijden dat onzuiverheden in de pomp terecht komen, plaatst u aan de aanzuigleiding van de pomp een vlotterfilter die een 10-tal cm onder het wateroppervlak hangt. Vooraleer u het hemelwater aan uw dieren geeft, is het raadzaam dit water eerst te ontsmetten. Meer uitleg over ontsmetting van hemelwater vindt u in hoofdstuk 8. Vergunningen Voor de bouw van een hemelwateropslag hebt u een bouwvergunning nodig. Vergeet ook niet dat wie een stedenbouwkundige vergunning wil krijgen om te bouwen, te verbouwen of een oppervlakte te verharden, rekening moet houden met de maatregel over hemelwateropvang en infiltratie. Vanaf 1 februari 2005 is het in Vlaanderen namelijk verplicht om hemelwater van alle gebouwen die nieuw worden opgetrokken of worden herbouwd op te vangen, te laten infiltreren in de bodem of vertraagd af te voeren naar oppervlaktewater. Ook wie een grondoppervlakte verhardt, zal er voor moeten zorgen dat het afstromend hemelwater zo veel mogelijk de grond kan insijpelenen. Als insijpeling niet mogelijk is, moet u het vertraagd afvoeren. De grootte van de hemelwaterput en infiltratievoorziening is afhankelijk van de oppervlakte van het dak of van de verharding. In tegenstelling tot de winning van grondwater moet u voor de opvang en het gebruik van hemelwater geen heffing betalen. VLIFsubsidie Omdat het om een investering voor duurzaam watergebruik gaat, komt de aanleg van een hemelwateropslag in aanmerking voor een subsidie van 20 % bij het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF). Kostprijsberekening Om de kostprijs van hemelwater te berekenen, moet de bedrijfssituatie bekeken worden. De totale prijs is immers bedrijfsspecifiek. Zo zal de hemelwateropvang bij de bouw van een nieuwe stal goedkoper zijn dan bij een bestaande stal. Daarnaast is de kostprijs voor eenzelfde inhoud dan weer afhankelijk van het type reservoir (ondergrondse put, metalen silo of folievijver), de standplaats van het reservoir en de aanwezigheid van betonverharding die opgebroken moet worden. Zo berekent u wat het gebruik van hemelwater voor u kan betekenen. Tabel 11: Kostprijsvergelijking van de verschillende waterbronnen. Bron Kostendetail grondwater Aanlegkosten put = x euro pomp = x euro eventuele waterbehandeling (ontijzering, ontkalking, ontsmetting,...) = x euro totale aanlegkosten = x euro Jaarlijkse afschrijvingskosten totale aanlegkosten 20 jaar = x euro/jaar Jaarlijkse exploitatiekosten afschrijvingskosten aanleg = x euro/jaar elektriciteit pomp = x euro/jaar onderhoud pomp = x euro/jaar heffing op de winning van grondwater = x euro/jaar heffing op de waterverontreiniging = x euro/jaar eventueel onderhoud en elektriciteit waterbehandeling = x euro/jaar wateranalyse = x euro/jaar totaal jaarlijkse exploitatiekosten = x euro/jaar Totale kostprijs voor jaarlijkse afschrijvings+ grondwatergebruik per jaar jaarlijkse exploitatiekosten = x euro/jaar Reële kostprijs van totale kostprijs voor = x euro/m31 m3 grondwater grondwatergebruik per jaar jaarlijks aantal m3 grondwater leidingwater Aanlegkosten eventuele waterbehandeling (ontkalking,...) = x euro Jaarlijkse afschrijvingskosten eventuele waterbehandeling 20 jaar = x euro/jaar Jaarlijkse exploitatiekosten Kostprijs per m3 leidingwater (zie factuur) = x euro/jaar eventueel intresten, onderhoud en elektriciteit waterbehandeling = x euro/jaar totaal jaarlijkse exploitatiekosten = x euro/jaar Totale kostprijs voor jaarlijkse afschrijvings+ leidingwatergebruik per jaar jaarlijkse exploitatiekosten = x euro/jaarReële kostprijs van Totale kostprijs voor 1 m3 leidingwater leidingwatergebruik per jaar jaarlijks aantal m3 leidingwater =x....euro/m3 hemelwater Aanlegkosten aanleg reservoir = x euro filters = x euro pomp = x euro afvoerbuizen = x euro eventueel opbreken beton = x euro ingeval van drinkwatertoepassing: - UV-ontsmetting - doseerpomp - zandfilter = x euro algenbestrijding bij een open folievijver = x euro totale aanlegkosten (eventueel –20 % VLIFsteun)* = x euro Jaarlijkse afschrijvingskosten totale aanlegkosten 20 jaar = x euro/jaar Jaarlijkse exploitatiekosten intresten aanlegkosten = x euro/jaar jaarlijks onderhoud van de filters en pomp = x euro/jaar elektriciteit pomp = x euro/jaar ingeval van drinkwatertoepassing: waterbehandeling: - UV-lamp - chloor of waterstofperoxide - elektriciteit UV-lamp/ doseerpomp/ zandfilter = x euro/jaar bij algenbestrijding: eventueel elektriciteit = x euro/jaar heffing op de waterverontreiniging = x euro/jaar kwaliteitsanalyse = x euro totaal jaarlijkse exploitatiekosten = x euro/jaar Totale kostprijs voor jaarlijkse afschrijvings+ = x euro/jaar hemelwatergebruik per jaar jaarlijkse exploitatiekosten Reële kostprijs van totale kostprijs voor 1 m3 hemelwater hemelwatergebruik per jaar jaarlijks aantal m3 hemelwater =x....euro/m3 jaarlijkse besparing (+) of kosten ( ) tegenover grondwater of leidingwater =x....euro/m3 *Als u in aanmerking komt voor VLIF-subsidie kunt u 20 % van uw aankoopkosten (zonder BTW) terugkrijgen. Hoe meer hemelwater er beschikbaar is op uw bedrijf, hoe interessanter de omschakeling, zeker als u voor de volledige watervoorziening ruim voldoende hemelwater zou kunnen opvangen en geen grondwaterput meer hoeft te boren. Bij deze afweging speelt de boringsdiepte een belangrijke rol. Het is ook nuttig om nu al rekening te houden met het feit dat de prijzen van grondwater en leidingwater in de toekomst mogelijks kunnen stijgen en dat bij nieuwbouw en verbouwing hemelwateropvang of infiltratie verplicht is. Indien u hoofdzakelijk gebruik maakt van leidingwater op uw bedrijf, komt een maximaal gebruik van hemelwater steeds financieel voordeliger uit. 8 Verbetering kwaliteit uitgangswater Bestrijding van algen Op een melkveebedrijf wordt hemelwater bij voorkeur opgevangen in een gesloten citern. Op deze manier wordt algengroei vermeden. Wordt ervoor gekozen om het hemelwater in een bassin of watersilo op te slaan, dan is het raadzaam om het water af te schermen van het zonlicht. Dat kan door op het wateroppervlak een drijfzeil of andere middelen (bijvoorbeeld drijvende kunststofballen of drijvende plantenvlotten) aan te brengen. Is het lichtdicht afdekken van het bassin niet mogelijk, dan kan beweging in het waterbassin bijvoorbeeld via beluchting of het rechtstreeks afdoden van algen via een ultrasoontoestel een oplossing bieden. Drijvende vlotten om algengroei tegen te gaan. Ontijzering Ondiep grondwater kan grote hoeveelheden opgeloste ijzer bevatten. In contact met zuurstof slaat dit neer en tast de waterleidingen aan of verstopt drinkbakjes. Door voorafgaande beluchting van het water gevolgd door zandfiltratie kan het tweewaardige, goed oplosbare ijzer vooraf omgezet worden in driewaardige slecht oplosbare ijzer dat neerslaat en in de filter achterblijft. Dit principe wordt in de meeste ontijzeringsinstallaties toegepast. Ontkalken Als kalk in hoge concentraties in het water voorkomt, kan dat voor kalkaanslag in leidingen en warmwatertoestellen zorgen. In dat geval is ontkalken via een ontharder raadzaam. Ontkalking is vaak nodig bij gebruik van grondwater of leidingwater. 9 Afvalwaterzuivering Waar naartoe met afvalwater ? Het reinigingswater van de stal en de melkstand is met mest vervuild en hoort thuis in de mestkelder. Het reinigingswater van landbouwmachines bevat vooral aardedeeltjes. Na bezinking van die aardedeeltjes kan het meestal geloosd worden. Is er risico op verontreiniging door olie, dan is een koolwaterstofafscheider (lozing in riool) in combinatie met een coalescentiefilter (lozing in oppervlaktewater) noodzakelijk. Het reinigingswater van de melkmachine en de koeltank is vooral organisch vervuild en met stikstof en fosfor belast. Melkveebedrijven die aangesloten zijn op een collectieve rioolwaterzuiveringsinstallatie of er in de toekomst zullen op aangesloten worden, kunnen deze afvalwaterstroom mits toelating van de bevoegde overheid lozen in de riolering. Indien er geen aansluiting is en er ook geen gepland is, kunt u deze afvalwaterstroom opvangen in de mestkelder of een citern en conform de mestwetgeving met de mest uitrijden of u kunt de afvalwaterstroom na zuivering in oppervlaktewater lozen. Maximaal hergebruik beperkt de hoeveelheid afvalwater en zo ook de opslag- en uitrijkosten. Perssappen en de first-flush (het water dat bij een regenbui het eerst van de kuilplaat stroomt en dus het sterkst vervuild is) van de run-off ter hoogte van de sleufsilo’s moeten opgevangen worden en conform de mestwetgeving uitgereden worden. Indien de sleufsilo zeer proper gehouden wordt en het systeem dat de first-flush opvangt, goed afgesteld is, kan op die manier de meest vervuilde fractie gescheiden worden van de rest van de run-off of het afstromend water. Om de emissie van gewasbeschermingsmiddelen naar het milieu zo klein mogelijk te houden, is het belangrijk ‘de Code van goede landbouwpraktijken bestrijdingsmiddelen’ te volgen. Zo verspreidt u spoelresten van spuittoestellen het best verdund op het veld. Let wel op dat u hierdoor niet overdoseert. Kies bij aankoop voor spuittoestellen uitgerust met schoonwatertank en spoeltank en neem voldoende water mee. Ook op oude spuittoestellen kan vaak eenvoudig een schoonwatertank worden gemonteerd. Het uitwendig spoelen van het spuittoestel gebeurt ook best op het land en zeker niet op verharde oppervlakken met afvoer naar riolering of oppervlaktewater. Momenteel wordt er in Vlaanderen onderzoek gedaan naar biozuiveringssystemen waarin de spoelresten van spuittoestellen via micro-organismen op het bedrijf verwerkt worden. Afvalwaterzuivering Melkveebedrijven die momenteel en in de toekomst niet aangesloten zijn op een collectieve rioolwaterzuiveringsinstallatie, moeten hun afvalwater van de melkwinning zelf zuiveren via een eigen waterzuivering alvorens het te lozen. U moet voor uw te lozen water de basismilieukwaliteitsnorm nastreven, maar in de milieuvergunningsaanvraag (klasse 2-vergunning) kunt u - zeker wat stikstof en fosfor betreft - ook soepelere lozingsvoorwaarden aanvragen. De aan te vragen lozingsvoorwaarden stelt u in samenspraak met de fabrikant van uw kleinschalige waterzuivering op. De fabrikant kan u vertellen welke lozingsvoorwaarden gehaald kunnen worden met zijn systeem. Het is belangrijk om haalbare lozingsvoorwaarden in de vergunningsaanvraag op te nemen. Die gelden als referentie bij eventuele controles van de milieu-inspectie. Bij het aanvaarden van de lozingsvoorwaarden houdt de overheid rekening met de kwetsbaarheid en het debiet van het oppervlaktewater waarop geloosd wordt. Naast een milieuvergunning hebt u ook een stedenbouwkundige vergunning nodig voor het aanleggen van een eigen waterzuiveringsinstallatie. Het afvalwater kan zowel met mechanische als met natuurlijke systemen gezuiverd worden. Na een voorbehandeling in bijvoorbeeld een septische put of een vetafscheider, komt het afvalwater in de kern van de waterzuivering. Voor welk type er ook geopteerd wordt, het afvalwater wordt telkens in contact gebracht met extra zuurstof en met waterzuiverende bacteriën. Plantensystemen Voor de zuivering van bedrijfsafvalwater van melkveebedrijven zijn twee verschillende plantensystemen geschikt: het wortelzoneveld en het percolatieveld. Bij een wortelzoneveld stroomt het water na de voorbehandeling op geringe diepte door een filter. Op de filter zijn moerasen waterplanten aangeplant. Het water wordt gezuiverd door bacteriën op de wortels en door de filterende werking van het substraat, bijvoorbeeld zand. Bij een percolatieveld stroomt het water na de voorbezinking verticaal over een met riet beplant filterbed. Drainagebuizen op de bodem van het bed voeren het gezuiverde water af. Ook hier zorgen de filterende werking van het zand en de op de wortels voorkomende bacteriën voor de zuivering. Over het algemeen ligt het zuiveringsrendement van een percolatieveld boven dat van andere plantensystemen. Mechanische systemen Voor de bedrijfsafvalwaterzuivering van melkveebedrijven komen ook vier mechanische systemen in aanmerking: het actief slibsysteem, de ondergedompelde beluchte filter, het oxidatiebed en de biorotor. Bij het actief slibsysteem wordt periodiek intensief belucht in een reactortank die een mengsel van zuiverende bacteriën (= het actieve slib) en afvalwater bevat. In een nabezinktank wordt het gezuiverde water van het actieve slib gescheiden. Dit actieve slib keert via een airlift terug naar het beluchtingsbekken (of de voorbezinktank). De ondergedompelde beluchte filter is wat we een slib-op-dragersysteem noemen. Het principe sluit aan bij dat van het actief slibsysteem, met het verschil dat de bacteriën op een dragermateriaal vastzitten. Als dragermateriaal worden meestal kunststofvormen of kunststofplaten gebruikt. Ook het oxidatiebed is een slib-op-dragersysteem. Na de voorbezinking wordt het afvalwater verschillende keren over het dragermateriaal gepompt. Het dragermateriaal staat volledig boven het vloeistofoppervlak. De dragermaterialen kunnen van uiteenlopende aard zijn, zoals lavastenen of kunststof. De biorotor is een slib-op-dragersysteem waarbij de drager op een roterende as bevestigd is. Het voorbezonken afvalwater komt in de ruimte waar het dragermateriaal zich bevindt. De rotor zit voor 40 % onder het vloeistofoppervlak en draait constant rond in het afvalwater dat op deze manier gezuiverd wordt. Selectiecriteria Bij de keuze van een eigen waterzuivering moet u met tal van factoren rekening houden: - keuze op basis van kwalitatieve criteria; - keuze op basis van investerings- en exploitatiekosten; - selectie op basis van een aantal algemene criteria: - terreinkenmerken en verval; - mechanische stabiliteit; - beschikbare ruimte; - gewicht en afmetingen; - capaciteit; - processturing; - gebruikscomfort en afwerking; - onderhoudsbehoefte; - geluidsproductie. Kostprijsevaluatie Als verschillende prijsoffertes opgevraagd werden, kan op basis van tabel 12 een economische afweging tussen de verschillende systemen gemaakt worden. Omdat de levensduur van afvalwaterzuiveringssystemen nog onzeker is, wordt bij de vergelijkende kostprijsberekeningen de zuivering afgeschreven op 10 jaar. Tabel 12: Economische benadering van de keuze van het zuiveringssysteem Bron Kostendetail Aanlegkosten waterzuiveringsinstallatie = x euro levering = x euro installatie = x euro totale aanlegkosten (eventueel -40% VLIF-steun)* = x euro Exploitatiekosten elektriciteitsaansluiting = x euro graafwerken = x euro elektriciteit: jaarkost x 10 = x euro onderhoud: jaarkost x 10 = x euro totale exploitatiekosten = x euro Bijkomende kosten afkoppelen regenwater = x euro eventuele andere kosten = x euro Totale kostprijs som van de aanleg-, exploitatie- en bijkomende kosten = x euro Kostprijsevaluatie Als verschillende prijsoffertes opgevraagd werden, kan op basis van tabel 12 een economische afweging tussen de verschillende systemen gemaakt worden. Omdat de levensduur van afvalwaterzuiveringssystemen nog onzeker is, wordt bij de vergelijkende kostprijsberekeningen de zuivering afgeschreven op 10 jaar. * Als u in aanmerking komt voor VLIF-subsidie kunt u 40% van uw aankoopkosten (zonder BTW) terugvorderen. Opslaan en uitrijden of zelf zuiveren Tabel 13: Vergelijkingstabel voor het opslaan en uitrijden of zelf zuiveren van afvalwater Kostendetail Zuiveringskosten Totale kosten 1/10 = x euro/ “ kosten afgeschreven op 10 jaar jaar Opslag- en uitrijkosten Extra te voorziene opslagkosten² : 4,96 euro / m³ * ‘totaal aantal m³ bedrijfsafvalwater op jaarbasis’³ / 2 “ opslag gerekend voor 6 maand opslag = x euro Emissiearm uitrijden (water met de mest) : 2,75 euro / m³ * ‘totaal aantal m³ bedrijfsafvalwater op jaarbasis’³ = x euro Totale opslag- en uitrijkosten = x euro/ Jaar Biozuiveringssystemen voor verwerking spoelwater Spuittoestel Bij biozuiveringssystemen wordt het spoelwater van spuittoestellen over organisch materiaal gesproeid waarin micro-organismen zitten die de gewasbeschermingsmiddelen versneld afbreken. Het effluent van deze systemen kunt u opnieuw opvangen en gebruiken als aanmaakwater voor het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen of voor het reinigen van het spuittoestel. In Scandinavië en Frankrijk worden dergelijke systemen al toegepast. In Vlaanderen worden momenteel twee types onderzocht, namelijk de fytobak en de biofilter. Beide zijn afgeleid van het oorspronkelijke biobedconcept. Een biobed is een open put met organisch materiaal (de klassieke samenstelling bestaat uit 25 % grond, 25 % veen of turf en 50 % stro), waarvan de wanden bekleed zijn met een kleilaag. Een fytobak is een waterdicht reservoir met organisch materiaal. Boven het organisch materiaal is een dak aangebracht, bijvoorbeeld doorschijnende plastic, dat zorgt voor de verdamping van het spoelwater. Daardoor wordt de hoeveelheid effluent sterk verminderd. Een biofilter bestaat uit een aantal containers die op elkaar geplaatst zijn. Het spoelwater sijpelt erdoorheen en de gewasbeschermingsmiddelen worden in verschillende stappen afgebroken. Publicaties Er bestaan nog andere brochures waarin het thema water voor de landbouwsector aan bod komt. U kunt ze gratis bestellen via het Waterloket. Water. Elke druppel telt. Varkenshouderij Code van goede landbouwpraktijken - gewasbeschermingsmiddelen Code van goede landbouwpraktijken - nutriënten Kleinschalige waterzuivering op land- en tuinbouwbedrijven Landbouw en water - een overzicht van de reglementen en nuttige informatie Werk maken van erosiebestrijding Ontijzering van grondwater Verlaten grondwaterwinningen Nuttige adressen Waterloket (het Vlaamse informatiepunt over duurzaam omgaan met water, een initiatief van de Vlaamse Milieumaatschappij in samenwerking met de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten en Dialoog vzw). Tel.: 0800-99 004 e-mail: info@waterloketvlaanderen.be www.waterloketvlaanderen.be Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) A. Van de Maelestraat 96 - 9320 Erembodegem Tel.: 053-72 64 45 - Fax: 053-71 10 78 e-mail: info@vmm.be www.vmm.be Provinciaal Centrum voor Landbouw en Milieu (PROCLAM) vzw Iepersesteenweg 87 - 8800 Rumbeke-Beitem Tel.: 051-27 32 00 e-mail: povlt.proclam@west-vlaanderen.be www.proclam.be Vlaamse overheid Agentschap voor Landbouw en Visserij Structuur en Investeringen Leuvenseplein 4 (3de verdieping) - 1000 Brussel Tel.: 02-553 63 65 Gelieve de buitendienst van uw provincie te contacteren: Antwerpen, tel.: 03-641 80 50 Limburg, tel.: 011-74 26 30 Oost-Vlaanderen, tel.: 09-272 22 40 West-Vlaanderen, tel.: 050-20 76 50 Vlaams-Brabant, tel.: 016-21 12 94 Vlaamse overheid Departement Landbouw en Visserij Duurzame Landbouwontwikkeling WTC III, 12de verdieping - Simon Bolivarlaan 30 - 1000 Brussel Tel.: 02-208 41 53 Provinciebestuur Oost-Vlaanderen Dienst Land- en Tuinbouw Gouvernementstraat 1 - 9000 Gent Tel.: 09-267 86 70 - Fax: 09-267 86 97 e-mail: land-.en.tuinbouw@oost-vlaanderen.be Hooibeekhoeve Hooibeeksedijk 1 - 2440 Geel Tel.: 014-85 27 07 - Fax: 014-85 36 15 e-mail: info@hooibeek.provant.be www.provant.be/hooibeek Proef- en vormingscentrum voor de Landbouw Kaulillerweg 3 - 3950 Bocholt Tel.: 089-46 29 46 - Fax: 089-46 10 95 e-mail: pvl.bocholt@scarlet.be colofon Deze brochure is een uitgave van de afdeling Water Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) Ferrarisgebouw Koning Albert II-laan 20 bus 16 - 1000 Brussel Tel.: 02-553 21 11 - Fax: 02-553 21 05 e-mail: water@lin.vlaanderen.be www.waterinfo.be Redactie en coördinatie Hilde Nechelput (Vlaamse Milieumaatschappij, afdeling Water) Tekstvoorbereiding Dominique Huits (PROCLAM v.z.w.) Met dank aan Luk Uytdewilligen (ALV) en Ivan Ryckaert (DLV) Véronique Vens, Sophie Puype en Kor Van Hoof (VMM) An Derden (VITO) De bedrijfsleiders van de onderzochte melkveehouderijen Fotografie PROCLAM vzw Vlaamse Milieumaatschappij, afdeling Water Kristion Buyse ( Jansen & Janssen) Vormgeving en druk Drukkerij Espace, Ledegem Verantwoordelijke uitgever Paul Thomas, afdelingshoofd afdeling Water VMM Koning Albert II-laan 20 bus 16 - 1000 Brussel Depotnummer D/2004/3241/275 0vername van informatie uit deze uitgave in andere publicaties is alleen toegestaan met bronvermelding. Andere brochures in de reeks “Water. Elke druppel telt.” • Een watervriendelijk huishouden. • Evenwicht in de waterkringloop. • Watergebruik in Vlaanderen. Huidige situatie. • Watergebruik in Vlaanderen. Een blik op de toekomst. • Varkenshouderij. • Intensieve open lucht groeteteelt. • Glasgroenteteelt op substraat. • Sierteelt. • Textielsector. • Slachthuizensector. • Wasserijen. • Aardappel-, fruit- en groenteverwerkende industrie.